Openbare zitting
DE GEMEENTERAAD:
MOTIVERING
Juridische gronden
● Artikel 41, 162, Art. 170 §4 en 173 van de van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994
● Artikel 2, 40, §3 en 41, tweede lid, 14° van het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december
● 2017 en latere wijzigingen
● koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en latere wijzigingen
● ministerieel besluit van 7 mei 1999 betreffende de parkeerkaart voor mensen met een handicap en latere wijzigingen
● wet van 7 februari 2003 houdende verschillende bepalingen inzake verkeersveiligheid en latere wijzigingen
● wet van 20 juli 2005 houdende wijziging van de gecoördineerde wetten van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer en latere wijzigingen
● decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens en latere wijzigingen
● het ministerieel besluit van 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart, en latere wijzigingen
● koninklijk besluit van 3 juni 2024 betreffende de Code van de openbare weg
● besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2024 tot vaststelling van het Vlaams verkeersreglement
● besluit van de gemeenteraad van 29 augustus 2024 “retributiereglement parkeren”
● besluit van de gemeenteraad van 18 december 2025 “retributie voor aanmaningskosten”
Feiten en context
Het voorstel is om een aantal wijzigingen in het reglement op te nemen, met het oog op het nieuwe bestek voor de aanstelling van een externe firma voor het parkeerbeheer in Heusden-Zolder, waaronder:
● de opheffing vanaf 1 januari 2027 van het huidige retributiereglement voor parkeren;
● de vaststelling van een nieuw retributiereglement parkeren vanaf 1 januari 2027;
● het actualiseren van de tarieven;
● de aanpassing van het eind-uur;
● het aantal bewonerskaarten per adres;
● de documenten nodig voor het aanvragen van een parkeerkaart.
Argumentatie
Met dit reglement wordt het parkeerbeleid geactualiseerd en verder afgestemd op de nieuwe parkeerexploitatie en het gemeentelijk mobiliteitsbeleid. De voorgestelde wijzigingen beogen een efficiënt gebruik van de beschikbare parkeerplaatsen in de handels- en voorzieningskernen, en een vermindering van de parkeerdruk in dichtbebouwde woonwijken. Zo blijft de openbare ruimte optimaal beschikbaar voor bewoners, bezoekers en lokale handels- en dienstverleningsfuncties. Tegelijkertijd draagt het reglement bij aan een duidelijke, transparante en uniforme toepassing van de parkeerregels.
BESLUIT
eenparig aangenomen.
Artikel 1:
Het besluit van de gemeenteraad van 29 augustus 2024 houdende vaststelling van een retributie op het parkeren, wordt met ingang vanaf 1 januari 2027 opgeheven.
Artikel 2:
De gemeenteraad keurt het reglement over de vaststelling van de retributie voor het parkeren en de gemeentelijke parkeerkaarten met ingang van 1 januari 2027 goed.
Artikel 3:
Van dit retributiereglement wordt melding gemaakt bij de toezichthoudende overheid overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur. Het retributiereglement wordt overeenkomstig de artikelen 285, 286, 287 en 288 van het decreet over het lokaal bestuur afgekondigd en bekendgemaakt.
Artikel 4:
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit reglement.
Artikel 5:
Voor de toepassing van dit reglement verwerkt de gemeente of haar aangestelde parkeerexploitant persoonsgegevens overeenkomstig de Algemene Verordening Gegevensbescherming en de toepasselijke wetgeving inzake gegevensbescherming.
Artikel 6:
Ten voordele van de gemeente Heusden-Zolder wordt overeenkomstig de bepalingen van dit reglement een retributie geheven op:
● het gebruik van parkeerplaatsen met betalend parkeren;
● het gebruik van parkeerplaatsen met beperkte parkeertijd waar het gebruik van de Europese parkeerschijf verplicht is (hierna ook “beperkte parkeertijd” genoemd);
● de afgifte van gemeentelijke parkeerkaarten;
● andere aan het parkeren verbonden diensten.
Artikel 7:
De retributie voor het gebruik van parkeerplaatsen met betalend parkeren of beperkte parkeertijd geldt per geparkeerd motorvoertuig met meer dan twee wielen (hierna ook “voertuig” genoemd).
Artikel 8:
De retributie is verschuldigd door de titularis van de inschrijving van het voertuig in het repertorium van de motorvoertuigen (hierna ook “retributieplichtige” genoemd). De houder van de proefritten- of handelaarsplaat die op het voertuig is aangebracht, is solidair gehouden tot betaling van de retributie.
Artikel 9:
De betaling van de retributie verleent uitsluitend een parkeerrecht en geeft geen recht op een voorbehouden of vrije parkeerplaats. Het parkeren gebeurt op eigen risico.
Artikel 10:
Behoudens andersluidende signalisatie is er geen retributie verschuldigd:
● op zondagen, wettelijke feestdagen en 11 juli;
● voor 9.00 uur en na 18.00 uur
Artikel 11:
Zijn geen retributie verschuldigd:
● houders van een geldige parkeerkaart voor personen met een handicap;
● houders van een geldige innamevergunning, voor de in de vergunning opgenomen parkeerplaatsen en voor zolang de innamevergunning geldig is;
● dienstvoertuigen van de gemeente Heusden-Zolder en het OCMW;
● dienstvoertuigen van nutsmaatschappijen en de Vlaamse overheid tijdens de uitvoering van hun opdrachten;
● deelwagens van de professionele aanbieders, op de parkeerplaatsen voorbehouden voor deelwagens of autodelen.
Artikel 12:
Het college van burgemeester en schepenen bepaalt de praktische modaliteiten voor het verkrijgen, registreren, controleren en betalen van parkeerrechten en gemeentelijke parkeerkaarten:
● Parkeerrechten en parkeerkaarten kunnen fysiek of digitaal worden toegekend.
● De controle kan gebeuren aan de hand van nummerplaatherkenning of via elke andere door de gemeente toegepaste controlemethode.
Artikel 13:
Het college van burgemeester en schepenen kan bij een gemotiveerde beslissing:
● aanvullende tarieven bepalen;
● een tijdelijke vrijstelling verlenen aan een retributieplichtige.
Artikel 14:
Er wordt geen volledige of gedeeltelijke terugbetaling van de betaalde retributies gedaan, ook niet indien de parkeersessie korter is dan de door het parkeerrecht bepaalde termijn.
Artikel 15:
De retributieplichtige kiest automatisch voor een forfaitaire retributie van € 20,00 die recht geeft op een parkeertijd tot het einde van diezelfde dag:
● indien niet voor één van de in dit reglement opgenomen tarieven gekozen wordt;
● indien de door het parkeerrecht bepaalde parkeerduur overschreden wordt;
● indien de bepalingen van dit reglement en van de federale en Vlaamse verkeersreglementen voor het gebruik van een parkeerschijf of een gemeentelijke parkeerkaart niet worden nageleefd.
Artikel 16:
De retributieplichtige kan geen bezwaar indienen wanneer hij/zij, niettegenstaande het vereffenen van de retributie, toch niet mag parkeren, omwille van een reden al dan niet vreemd aan de wil van het bestuur, of ingeval van verplichte verwijdering van het voertuig bij politiebevel.
Artikel 17:
Bij gebrek aan betaling wordt de retributie ingevorderd volgens de modaliteiten bepaald in artikel 177 van decreet over het lokaal bestuur. Indien de retributie wordt betwist zal deze burgerrechtelijk worden ingevorderd.
HOOFDSTUK I – Parkeerplaatsen met betalend parkeren
Artikel 18:
Er wordt een retributie geheven voor het gebruik van de parkeerplaatsen met betalend parkeren waar het parkeren reglementair is.
Artikel 19:
De parkeerplaatsen en zones met betalend parkeren worden vastgesteld in het aanvullend reglement op het wegverkeer en aangeduid door de wettelijk voorgeschreven signalisatie.
Artikel 20:
De in Artikel 18 beschreven retributie wordt als volgt vastgesteld:
● tarief 1: maximaal 15 minuten: gratis;
● tarief 2: maximaal 2 uur per dag: € 0,10 per begonnen schijf van zes minuten;
● tarief 3: dagticket: € 20,00.
Artikel 21:
Voor elk gebruik van een parkeerplaats met betalend parkeren dient een parkeerrecht te worden geregistreerd overeenkomstig de door het college van burgemeester en schepenen vastgestelde modaliteiten, ook wanneer het gekozen tarief kosteloos is. Bij gebrek aan een geldige registratie is de forfaitaire retributie verschuldigd.
HOOFDSTUK II – Parkeerplaatsen met beperkte parkeertijd
Artikel 22:
Er wordt een retributie geheven voor het gebruik van de parkeerplaatsen met beperkte parkeertijd waar het parkeren reglementair is.
Artikel 23:
De parkeerplaatsen en zones met beperkte parkeertijd worden vastgesteld in het aanvullend reglement op het wegverkeer en aangeduid door de wettelijk voorgeschreven signalisatie.
Artikel 24:
De in Artikel 22 beschreven retributie wordt vastgesteld volgens Artikel 15 van dit reglement.
Artikel 25:
Het gebruik van de parkeerschijf dient overeenkomstig de geldende federale en Vlaamse verkeersreglementen te gebeuren.
Artikel 26:
Het is slechts toegestaan om één parkeerschijf aan het voertuig aan te brengen. Indien er toch meerdere parkeerschijven zichtbaar liggen, wordt steeds uitgegaan van het vroegste ingestelde aankomstuur.
HOOFDSTUK III–Algemene bepalingen bij gemeentelijke parkeerkaarten
Artikel 27:
Voor de toepassing van dit reglement worden volgende gemeentelijke parkeerkaarten (hierna ook “parkeerkaarten” genoemd) onderscheiden:
● bewonerskaarten;
● handelaarskaarten;
● medische kaarten.
Artikel 28:
Het gebruik van de gemeentelijke parkeerkaart dient overeenkomstig de geldende federale en Vlaamse verkeersreglementen te gebeuren.
Artikel 29:
Een parkeerkaart kan uitsluitend worden afgeleverd op basis van het kenteken van een voertuig. Per parkeerkaart kan maximaal één nummerplaat worden geregistreerd.
Artikel 30:
Een parkeerkaart is geldig voor een periode van één jaar en dient jaarlijks te worden aangevraagd.
Artikel 31:
De geldigheidsduur van de parkeerkaart kan nooit langer zijn dan de geldigheidsduur van de voertuiginschrijving.
Artikel 32:
De houder van een parkeerkaart moet iedere wijziging van nummerplaat, adres, tewerkstelling of andere relevante gegevens binnen de acht kalenderdagen melden aan de bevoegde dienst.
Artikel 33:
Het afleveren van duplicaten:
● Bij verlies, diefstal of beschadiging van een parkeerkaart kan een duplicaat worden afgeleverd.
● De retributie voor een duplicaat bedraagt € 15,00.
● Voor een verloren of gestolen parkeerkaart moet een attest van verlies of diefstal van de lokale politie worden voorgelegd.
● Een beschadigde parkeerkaart moet voorafgaand aan de aflevering van een duplicaat worden terugbezorgd.
Artikel 34:
De parkeerkaart wordt van rechtswege geannuleerd:
● bij het verstrijken van de geldigheid;
● bij schrapping van de betrokken nummerplaat;
● bij overlijden van de houder;
● wanneer niet langer aan de voorwaarden wordt voldaan;
● bij niet-betaling van verschuldigde bedragen.
HOOFDSTUK IV – Bewonerskaarten
Artikel 35:
De houders van een geldige bewonerskaart worden vrijgesteld van de retributie voor het gebruik van parkeerplaatsen met beperkte parkeertijd, uitsluitend in de zone waarvoor de kaart werd afgeleverd.
Artikel 36:
Bewonerskaarten worden afgeleverd per adres en aan de personen behorend tot eenzelfde huishouden zoals gedefinieerd in de algemene onderrichtingen betreffende het houden van het bevolkingsregister, wiens hoofdverblijfplaats zich situeert binnen of grenst aan één van de zones met beperkte parkeertijd vermeld in Artikel 23.
Artikel 37:
Voor de toepassing van dit reglement worden twee bewonerskaarten onderscheiden:
● bewonerskaart 1;
● bewonerskaart 2.
Artikel 38:
Iedere hoofdverblijfplaats heeft recht op één bewonerskaart.
Een tweede bewonerskaart kan worden afgeleverd indien:
● deze wordt toegekend aan een andere houder van een geldig rijbewijs die zijn hoofdverblijfplaats heeft op hetzelfde adres; en
● de beschikbare private parkeercapaciteit bij de hoofdverblijfplaats ontoereikend is voor de voertuigen waarvoor een bewonerskaart wordt aangevraagd.
Bij de beoordeling van de private parkeercapaciteit wordt rekening gehouden met garages, carports, autostaanplaatsen, opritten en andere duurzame parkeervoorzieningen op privaat domein.
Artikel 39:
De aanvrager van een bewonerskaart moet volgende kunnen aantonen:
● domicilie op het adres van de aanvraag;
● inschrijvingsbewijs van het voertuig waaruit het eigenaarschap van één van de bewoners blijkt;
● rijbewijs van de aanvrager;
● indien het een leasewagen betreft, een attest dat de aanvrager gebruik maakt van het ingeschreven voertuig waarvoor een bewonerskaart wordt aangevraagd;
● een verklaring op eer over de beschikbare private parkeercapaciteit.
Artikel 40:
De retributie voor een bewonerskaart wordt als volgt vastgesteld:
● bewonerskaart 1: € 50,00 per jaar
● bewonerskaart 2: € 100,00 per jaar
HOOFDSTUK V – Handelaarskaarten
Artikel 41:
De houders van een geldige handelaarskaart worden vrijgesteld van de retributie voor het gebruik van parkeerplaatsen met beperkte parkeertijd, uitsluitend in de zone waarvoor de kaart werd afgeleverd.
Artikel 42:
Een handelaarskaart kan worden afgeleverd aan een handelszaak die gevestigd is binnen één van de zones met beperkte parkeertijd vermeld in Artikel 23.
Artikel 43:
Per handelszaak wordt maximaal één handelaarskaart afgeleverd. De aanvraag dient te gebeuren in naam van de zaakvoerder.
Artikel 44:
De aanvrager van een handelaarskaart moet volgende kunnen aantonen:
● ingevuld werkattest van maximaal één week oud op de datum van de aanvraag;
● inschrijvingsbewijs van het voertuig waaruit het eigenaarschap van de aanvrager blijkt;
● indien het een leasewagen betreft, een attest dat de aanvrager gebruik maakt van het ingeschreven voertuig waarvoor een handelaarskaart wordt aangevraagd.
Artikel 45:
De retributie voor een handelaarskaart bedraagt € 95,00 per jaar.
HOOFDSTUK VI - Medische kaarten
Artikel 46:
De houders van een geldige medische kaart worden vrijgesteld van de retributie voor het gebruik van parkeerplaatsen met betalend parkeren, uitsluitend gedurende het eerste uur van een begonnen parkeersessie.
Artikel 47:
De begintijd wordt aangeduid via een geldige Europese parkeerschijf die conform de geldende federale en Vlaamse verkeersreglementen gebruikt wordt.
Artikel 48:
Een medische kaart kan worden afgeleverd aan beoefenaars van (para)medische beroepen, die door het RIZIV of de Vlaamse gemeenschap erkend zijn als zorgverstrekker.
Artikel 49:
Per zorgverstrekker wordt maximaal één medische kaart afgeleverd. De aanvraag dient te gebeuren op naam van de zorgverstrekker.
Artikel 50:
De aanvrager van een medische kaart moet volgende kunnen aantonen:
● bewijs van erkenning als beoefenaar van een (para)medisch beroep, gedateerd en ondertekend door het RIZIV of door de Vlaamse gemeenschap;
● inschrijvingsbewijs van het voertuig waaruit het eigenaarschap van de aanvrager blijkt;
● indien het een leasewagen betreft, een attest dat de aanvrager gebruik maakt van het ingeschreven voertuig waarvoor een medische kaart wordt aangevraagd;
● een verklaring op eer dat de medische kaart uitsluitend gebruikt zal worden voor beroepsmatige huisbezoeken.
Artikel 51:
De retributie voor een medische kaart bedraagt € 95,00 per jaar.
Register der bekendmakingen
Deze webpagina vormt het openbare register van gemeentelijke reglementen en verordeningen, in overeenstemming met het besluit van de Vlaamse regering van 28 april 2023 betreffende de bekendmakingen en raadpleegbaarheid van besluiten en documenten van het lokale bestuur met betrekking tot de manier waarop ze moeten worden bijgehouden.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, zal er een expliciete "bundel" van het document worden opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker.
Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie heeft plaatsgevonden.
Al deze gegevens staan in een aparte publicatie omgeving die beveiligd en toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.