Gemeente Heusden-Zolder

 

Notulen gemeenteraad

24 september 2026 19:02

 

AANWEZIG:

 

Voorzitter:  Mario Borremans

Schepenen:  Isabelle Thielemans, Mario Carremans, Britt Custers, Petra Tielens, Annette Palmers, Steven Goris

Raadsleden:  Lode Schops, Jan Jans, Tony Lespoix, Funda Oru, Swa Vanderaerden, Tonny Vanhamel, Arif Birinci, Peter Gybels, Katrien Cox, Tim Lekens, Elise Vanhoudt, Chantale Labie, Hans Roose, Bea Baranska, Claudia Rugiero, Yves Kenens, Claudia Ruts, Yeliz Cengiz, Lauren Leyssens, Elif Can, An Vanvuchelen, Hans Zegers, Luc Landuyt

Algemeen directeur:  Rony Herlitska

VERONTSCHULDIGD:

 

Schepen:  Marten Frederix

Raadsleden:  Yasin Gül, Halit Topal

 

Overzicht punten

OZ.1.

Secretariaat en juridische zaken - notulen gemeenteraad - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

•         Artikel 32, 277 en 278 van het decreet lokaal bestuur.

 

Feiten en context

De algemeen directeur legt de notulen van de vorige vergadering van de gemeenteraad voor ter goedkeuring.

 

Elk gemeenteraadslid heeft het recht opmerkingen te maken over de redactie van de notulen van de vorige vergadering. Als die opmerkingen door de gemeenteraad worden aangenomen, worden de notulen in die zin aangepast.

 

Als er geen opmerkingen worden gemaakt over de notulen van de vorige vergadering worden de notulen als goedgekeurd beschouwd en worden ze ondertekend door de voorzitter van de gemeenteraad en de algemeen directeur.

 

Aan de gemeenteraad wordt gevraagd de notulen, zoals voorgelegd door de algemeen directeur, goed te keuren.

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

 

Artikel 1:

De gemeenteraad keurt de notulen van de vorige vergadering goed.

 

Bijlagen

Bijlage 1: notulen van de vorige vergadering van de gemeenteraad.

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.2.

Secretariaat en juridische zaken - mededelingen

 

De gemeenteraad neemt kennis van:

●         het verslag van de raad van bestuur van Limburg.net van 29 juli 2026

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.3.

Ruimtelijk beheer en woonbeleid - gedeeltelijke afschaffing van een buurtweg - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40 en 41

Deze artikels handelen over de bevoegdheden van de gemeenteraad.

●         Het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.

●         Het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening.

●         De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009 zoals gewijzigd en uitvoeringsbesluiten

●         Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning, artikel 31

Dit artikel herneemt de welbekende regeling van de tussenkomst van de gemeenteraad over de zaak van de wegen.

●         Het Omgevingsvergunningsbesluit, artikel 47

Dit artikel handelt over de beslissingsbevoegdheid van de gemeenteraad inzake wegenwerken en stelt dat de gemeenteraad daarbij kennis neemt van de standpunten, opmerkingen en bezwaren die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek.

 

Aanleiding, feiten en context

Op 21 april 2026 hebben Team Leefomgeving en Team Ruimtelijk Beheer & Woonbeleid een adviesvraag ontvangen van de provincie Limburg voor een omgevingsvergunningsaanvraag met dossiernummer OMV_2025092862 (26/146). Het betreft het verder exploiteren en veranderen van het grondrecyclagecentrum waarbij een nieuwe overkapping, een laguneringsveld en magazijn voorzien worden en waarbij een aantal verhardingen, reliëfwijzigingen, gebouwen en constructies geregulariseerd worden en waarbij een bijstelling gevraagd wordt van bijzondere voorwaarden in afwijking van Vlarem II en van bijzondere voorwaarden uit de vergunning. De percelen waarop de aanvraag betrekking heeft zijn kadastraal gekend als (afd 4) sectie E nrs 739D en 739F. Momenteel wordt voornoemd perceel 739D echter bezwaard met de buurtweg nr. 171 uit de Atlas der Buurtwegen van Zolder.

 

In het advies dat werd overgemaakt aan de provincie werd vastgesteld dat er op het betreffende perceel nog een buurtweg aanwezig is die reeds sinds lange tijd in onbruik is geraakt. Vervolgens heeft de provincie geoordeeld dat zolang deze buurtweg niet is afgeschaft, zij geen positief advies kunnen afleveren. Daaropvolgend werd een nieuwe projectinhoudversie ingediend waarin een zaak der wegen is opgenomen voor de gedeeltelijke afschaffing van de buurtweg nr. 171 t.h.v. het voornoemde perceel.

 

Op 4 augustus 2026 hebben de Teams Leefomgeving en Ruimtelijk Beheer & Woonbeleid een tweede adviesvraag ontvangen van de provincie Limburg met betrekking tot deze nieuwe projectinhoudversie.

De aanvragers vragen bijgevolg om een gedeeltelijke afschaffing van de buurtweg nr. 171 t.h.v. het voornoemde perceel.

 

Het college van burgemeester en schepenen stelt voor om te beraadslagen over voorliggende zaak van de wegen. Het Omgevingsvergunningsbesluit bepaalt in artikel 47 dat de gemeenteraad zich enkel uitspreekt over de zaak van de wegen, dus niet over de vergunningsaanvraag.

 

Openbaar onderzoek

Het voorgestelde afschaffingsplan werd openbaar gemaakt van 14 augustus 2026 t.e.m. 12 september 2026. De verschillende door de wet voorgeschreven formaliteiten zijn vervuld.

Er werden geen bezwaarschriften ingediend.

 

Adviezen

Er werd geen advies gevraagd m.b.t. de zaak van de wegen.

Het betreft hier enkel een ‘administratieve gedeeltelijke afschaffing van buurtweg nr. 171 in de Atlas der Buurtwegen. Er verandert ter plaatse niets aan de wegenis.

 

Argumentatie

De aanvraag omvat 2 percelen langs de Westlaan. De percelen kennen de bestemming industriegebied volgens het gewestplan Hasselt-Genk. Ze vallen niet binnen de grenzen van een BPA of RUP.

 

Het afschaffingsplan van ing. beëdigd landmeter-expert Dieter Vandepoel voor landmeterskantoor Divatec werd ontvangen op 4 augustus 2026. Door de buurtweg nr. 171 in de Atlas der Buurtwegen van Zolder gedeeltelijk af te schaffen, brengt men de administratieve toestand in overeenstemming met de werkelijke situatie.

 

Volgens de Atlas van de Buurtwegen van 1840-1841 is buurtweg nr. 171 gelegen tussen de buurtwegen Sentier 249 en Chemin nr. 34. De breedte van deze weg bedraagt volgens de atlas ±3,5 m. Op de topografische kaart Vandermaelen (1846-1854) is er geen vermelding van buurtweg nr. 171. Op de luchtfoto van 1971 is de buurtweg tevens niet meer zichtbaar. Bij de aanleg van het Albertkanaal tussen 1930 en 1939 werd een groot gedeelte van buurtweg nr. 171 verwijderd, en werd de connectie met buurtweg nr. 34 verbroken. Uit de actuele orthofoto’s en de terreinwaarnemingen blijkt dat het historische tracé van buurtweg nr. 171 volledig verdwenen is en integraal werd ingenomen door vergunde bebouwing en aanhorigheden. De huidige gebouwen zijn opgericht in 2008. Deze bebouwing is ontstaan krachtens een rechtsgeldige, niet vervallen vergunning. In deze meest recente vergunning werd, binnen de tijdgeest en context van toen, geen rekening gehouden met de ligging van de buurtweg over het perceel. Uit de vaststellingen blijkt dat buurtweg nr. 171, zoals beschreven in de Atlas der Buurtwegen, thans niet meer bestaat en dit al sedert vele tientallen jaren.

 

Financiële gevolgen

Aan het dossier werd een waardebepaling toegevoegd die werd opgemaakt door ing. beëdigd landmeter-expert Dieter Vandepoel voor landmeterskantoor Divatec. Hierin komt men tot volgende conclusie:

“Artikel 28 § 2 van hoofdstuk 3, afdeling 5 ‘Realisatie van gemeentewegen’ luidt als volgt:

De waardevermindering of de waardevermeerdering wordt vastgesteld door een landmeter-expert. Bij betwisting door de eigenaar of gemeente wordt de waardevermindering of de waardevermeerdering vastgesteld door een college dat bestaat uit de landmeter-expert die de gemeente heeft aangesteld en een landmeter-expert die de eigenaar aanstelt.

Bij de berekening van de waardevermindering of de waardevermeerdering wordt onder meer rekening gehouden met:

●         De historische ligging volgens de Atlas der Buurtwegen;

●         Historische cartografische bronnen;

●         Luchtfoto’s uit verschillende periodes;

●         De actuele toestand ter plaatse;

●         De stedenbouwkundige vergunningssituatie;

●         De bepalingen van artikel 28 §2 van het Decreet Gemeentewegen.

●         Het verschil in venale waarde,

●         De gelijke behandeling van burgers voor de openbare lasten opgelegd in het kader van het algemeen belang,

●         De bestaande openbare en private erfdienstbaarheden

●         De vigerende overheidsbesluiten over het grondgebruik.

 

De waardevermeerdering wordt geacht nihil te zijn als de gemeenteweg in de feiten verdwenen is, omdat infrastructuren door of in opdracht van de overheid zijn aangelegd of omdat de gemeenteweg werd bebouwd krachtens een rechtsgeldige, niet-vervallen vergunning die werd verleend vóór 1 september 2019.

 

Waardeverminderingen en waardevermeerderingen ingevolge wijzigingen of verplaatsingen van een gemeenteweg op een goed van dezelfde eigenaar door de toepassing van dit decreet worden geacht elkaar te neutraliseren.

 

Overeenkomstig artikel 28 §2 van het Decreet Gemeentewegen wordt een waardevermeerdering geacht nihil te zijn wanneer de gemeenteweg feitelijk verdwenen is en/of werd bebouwd krachtens een rechtsgeldige, niet-vervallen vergunning verleend vóór 1 september 2019. Aangezien beide voorwaarden hier vervuld zijn, wordt de waardevermeerdering of waardevermindering vastgesteld op nihil.

 

Gemotiveerd besluit

Op basis van het gevoerde onderzoek, de historische bronnen, de actuele toestand van het terrein en de bepalingen van artikel 28 §2 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, stel ik vast dat het tracé van buurtweg Chemin nr. 171 reeds gedurende lange tijd feitelijk verdwenen is en volledig werd ingenomen door vergunde bebouwing opgericht vóór 1 september 2019.

Bijgevolg wordt de waardevermeerdering of waardevermindering ingevolge de voorgenomen afschaffing van de gemeenteweg vastgesteld op nihil.

De meer- of minderwaarde wordt derhalve bepaald op:

€ 0,00 (nul euro)

De expert-schatter verklaart naar best vermogen en geloof dat alle verklaringen en informatie opgenomen in het verslag waar en correct zijn en dat er geen relevante informatie wordt achtergehouden.

Ik zweer dat ik mijn opdracht in eer en geweten getrouw heb vervuld

Ing. Dieter Vandepoel

Landmeter-expert Lan 081357

Expert schatter onroerend goed erkenningsnummer 003273390187

Ondertekend 30 juni 2026”

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

 

Artikel 1:

De gemeenteraad keurt voorliggende beslissing over de gedeeltelijke afschaffing van een gemeenteweg - met name buurtweg nr. 171 in de Atlas der Buurtwegen van Zolder - in het kader van de omgevingsvergunningsaanvraag met dossiernummer OMV_2025092862 (26/146) goed.

Artikel 2:

Het afschaffingsplan voor buurtweg nr. 171 te Zolder - conform de bijlagen gehecht aan dit besluit - wordt goedgekeurd.

Artikel 3:

Afschrift van onderhavig besluit zal bij de aanvraag tot omgevingsvergunning (OMV_2025092862) gevoegd worden.

Artikel 4:

Tegen dit besluit van de gemeenteraad kan binnen de 30 dagen in het kader van een schorsend administratief beroep tegen de vergunningsbeslissing een georganiseerd administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Regering. De procedure van dit beroep verloopt volgens art. 31/1 van het Omgevingsdecreet.

Artikel 5:

Dit besluit van de gemeenteraad is nietig:

●         wanneer de omgevingsvergunning met dossiernummer OMV_2025092862 ingediend op 21 april 2026 voor het verder exploiteren en veranderen van het grondrecyclagecentrum waarbij een nieuwe overkapping, een laguneringsveld en magazijn voorzien worden en waarbij een aantal verhardingen, reliëfwijzigingen, gebouwen en constructies geregulariseerd worden en waarbij een bijstelling gevraagd wordt van bijzondere voorwaarden in afwijking van Vlarem II en van bijzondere voorwaarden uit de vergunning, niet wordt verleend, of wanneer deze in administratief of jurisdictioneel beroep wordt vernietigd;

●         wanneer het voorwerp van de omgevingsvergunning niet binnen de in de vergunning voorziene of wettelijke termijn wordt gerealiseerd.

Artikel 6:

Dit besluit wordt volgens artikel 330 - van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 - ter kennis gebracht aan de provinciegouverneur. Het onderwerp maakt deel uit van de lijst van aangelegenheden bedoeld in artikel 286 § 1.

 

Bijlagen

Bijlage 1: Afschaffingsplan opgesteld door ing. beëdigd landmeter-expert Dieter Vandepoel voor landmeterskantoor Divatec op 07 juli 2026.

Bijlage 2: Aanduiding van de betreffende percelen en het gedeelte van de buurtweg dat men wenst af te schaffen

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.4.

Ruimtelijk beheer en woonbeleid - tweepartijenovereenkomst met WiL - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         artikel 23 van de Belgische Grondwet legt vast dat iedereen het recht heeft om een menswaardig leven te leiden, wat ook het recht op menswaardig wonen omvat

●         decreet Bestuursdecreet van 7 december 2018 betreffende de openbaarheid van bestuur

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder deel 2, titel 7, betreffende het bestuurlijk toezicht

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder deel 2, titel 1, hoofdstuk 1, afdeling 3, over de bevoegdheden van de gemeenteraad

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder deel 2, titel 1, hoofdstuk 2, afdeling 3, over de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen

●         Vlaamse Codex Wonen van 2021, Boek 2, deel 3, titel 3, hoofdstuk 2, artikels 2.27 t.e.m. 2.34 definiëren het bindend sociaal objectief voor gemeenten als het sociaal woonaanbod dat in de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2042 ten minste moet worden gerealiseerd

●         besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, boek 2, titel 2, artikel 2.5/1 legt de gemeentelijke objectieven vast in bijlage 34 van dit besluit, en het groeipad in bijlage 35

●         besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, boek 2, titel 2, artikel 2.2 geeft de gemeente de regierol voor het lokaal woonbeleid

●         Vlaamse Codex Wonen van 2021, Boek 2, deel 3, titel 3, hoofdstuk 2, artikel 2.31, bepaalt dat gemeenten en de woonmaatschappijen een overeenkomst dienen te sluiten over de realisatie van het gemeentelijk objectief voor sociale huurwoningen

●         besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, boek 2, titel 2, artikel 2.5/1 legt de vormvereisten vast voor deze samenwerkingsovereenkomst en de procedure

●         hetzelfde artikel 2.5/1 bepaalt dat, voor de gemeentelijke legislatuur 2024-2030, de woonmaatschappij de overeenkomst aan het agentschap bezorgt uiterlijk op 1 december 2026.

●         omzendbrief OMG 2026/2, over de opmaak van een overeenkomst in het kader van het Bindend Sociaal Objectief (BSO) 2026-2042, geeft bijkomende informatie, richtlijnen en een modelovereenkomst voor de opmaak van deze overeenkomst

 

Feiten en context

De Vlaamse regering legde de gemeente een nieuw bindend sociaal objectief (BSO) op voor de periode 2026-2042. Voor Heusden-Zolder werd dit vastgelegd op 274 sociale wooneenheden; dit is inclusief de specifieke inhaalbeweging van 41 wooneenheden.

 

De Vlaamse regering legt vast dat de gemeente een tweepartijenovereenkomst dient te sluiten met de woonmaatschappij over de realisatie van dit BSO.

 

Volgens de bepalingen in het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, dient de tweepartijenovereenkomst volgende elementen te bevatten:

  1. het aantal sociale huurwoningen van het gemeentelijk objectief voor sociale huurwoningen;
  2. een strategie om minstens volgens het ritme van het gemeentelijk groeipad:
    a) bijkomende sociale huurwoningen te realiseren, met een onderscheid tussen woningen die ingehuurd worden op de private markt om kwaliteitsvolle woningen te kunnen onderverhuren aan woonbehoeftige gezinnen en alleenstaanden tegen een redelijke huurprijs en met aandacht voor het bieden van woonzekerheid, en de woningen die in eigendom zullen worden verworven of verwezenlijkt;
    b) sociale huurwoningen te renoveren;
  3. een overzicht van de beschikbare onroerende goederen en de instrumenten die worden aangewend om het gemeentelijk objectief voor sociale huurwoningen te verwezenlijken;
  4. facultatief een toelichting bij het gecoördineerde beleid van initiatieven op de private huur- en koopmarkt.

 

Voor deze overeenkomst werd gebruik gemaakt van het sjabloon uit de omzendbrief.

 

Deze overeenkomst kan zesjaarlijks worden herzien.

 

De gevolgde strategie in deze overeenkomst is gebaseerd op de visie sociaal wonen, die aangeeft waar welke bijkomende sociale huurwoningen wenselijk zijn, welke typologie nodig is, en op welke manier aandacht geschonken wordt aan specifieke doelgroepen. De visie sociaal wonen maakt integraal deel uit van de overeenkomst.

In de tweepartijenovereenkomst worden ook volgende zaken opgelijst, die bijdragen aan de realisatie van het BSO:

●         het actieprogramma, dat aangeeft welke onbebouwde bouwgronden en kavels in eigendom van Vlaamse besturen ingezet worden voor sociaal wonen,

●         de panden in eigendom van gemeente, die ingezet kunnen worden voor het realiseren van sociaal huuraanbod,

●         gronden en panden van WiL die ingezet kunnen worden voor het realiseren van het sociaal woonaanbod,

●         instrumenten die de gemeente en WiL kunnen hanteren om het BSO te realiseren.

 

De overeenkomst werd besproken met woonmaatschappij WiL op 30/08/2026 en toegelicht aan het lokaal woonoverleg van 2/09/2026.

 

Argumentatie

Het opmaken van de overeenkomst met WiL geeft uitvoering aan de regierol voor lokaal woonbeleid van de gemeente. WiL is de bevoorrechte en strategische partner bij het uitvoeren van het lokale woonbeleid, in het bijzonder het realiseren van het BSO. Het maken van een overeenkomst, met een duidelijke planning en concrete afspraken, is een voorwaarde om het BSO te kunnen halen. 

 

De overeenkomst bevat de nodige projecten om het deel van het BSO voor de periode 2026-2032 te kunnen realiseren. De mogelijkheid tot zesjaarlijkse herziening laat toe om de strategie en planning bij te sturen vanaf 2031.

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

 

Artikel 1:

De gemeenteraad keurt de tweepartijenovereenkomst met WiL goed.

Artikel 2:

De gemeente bezorgt dit besluit en de ondertekende overeenkomst aan WiL uiterlijk 31/10/2026, die het op haar beurt bezorgt aan het agentschap uiterlijk 30/11/2026.

 

Bijlagen

●         BIJLAGE: de tweepartijenovereenkomst met WiL

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.5.

Ruimtelijk beheer en woonbeleid - visie sociaal wonen - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         artikel 23 van de Belgische Grondwet legt vast dat iedereen het recht heeft om een menswaardig leven te leiden, wat ook het recht op menswaardig wonen omvat

●         decreet Bestuursdecreet van 7 december 2018 betreffende de openbaarheid van bestuur

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder deel 2, titel 7, betreffende het bestuurlijk toezicht

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder deel 2, titel 1, hoofdstuk 1, afdeling 3, over de bevoegdheden van de gemeenteraad

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder deel 2, titel 1, hoofdstuk 2, afdeling 3, over de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen

●        Vlaamse Codex Wonen van 2021, Boek 2, deel 3, titel 3, hoofdstuk 2, artikels 2.27 t.e.m. 2.34 definiëren het bindend sociaal objectief voor gemeenten als het sociaal woonaanbod dat in de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2042 ten minste moet worden gerealiseerd.

●        besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, boek 2, titel 2, artikel 2.5/1 legt de gemeentelijke objectieven vast in bijlage 34 van dit besluit, en het groeipad in bijlage 35.

●        besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, boek 2, titel 2, artikel 2.2 geeft de gemeente de regierol voor het lokaal woonbeleid.

 

Feiten en context

De Vlaamse regering legde de gemeente een nieuw bindend sociaal objectief (BSO) op voor de periode 2026-2042. Voor Heusden-Zolder werd dit vastgelegd op 274 sociale wooneenheden; dit is inclusief de specifieke inhaalbeweging van 41 wooneenheden.

 

Argumentatie

Om de regierol voor het lokaal woonbeleid ten volle te kunnen opnemen, wenst de gemeente een gefundeerd beleid te voeren wat betreft de realisatie van het bindend sociaal objectief in de gemeente.

 

Om helder te krijgen waar de realisatie van dit bijkomend sociaal woonaanbod wenselijk en haalbaar is, welke typologie nodig is, en welke specifiekedoelgroepen extra aandacht nodig hebben, is een analyse van de woonvraag en het woonaanbod noodzakelijk. De nota “visie op sociaal wonen” bevat deze analyse, de conclusie en de bijhorende visie op sociaal wonen van de gemeente.

 

Deze visie op sociaal wonen vormt de basis voor keuzes die de gemeente dient te maken en decretaal verplichte opdrachten, o.a. wat betreft de opmaak van een actieprogramma en de samenwerkingsovereenkomst met de woonmaatschappij.

 

De visie sociaal wonen werd opgemaakt in overleg met Team Welzijn en het OCMW, besproken met woonmaatschappij WiL op 30/08/2026 en toegelicht aan het lokaal woonoverleg van 2/09/2026.

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

 

Artikel 1:

De gemeenteraad keurt de visie sociaal wonen goed.

 

Bijlagen

Bijlage: de visie op sociaal wonen

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.6.

Ruimtelijk beheer en woonbeleid - actieprogramma sociaal wonen - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         artikel 23 van de Belgische Grondwet legt vast dat iedereen het recht heeft om een menswaardig leven te leiden, wat ook het recht op menswaardig wonen omvat

●         decreet Bestuursdecreet van 7 december 2018 betreffende de openbaarheid van bestuur

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder deel 2, titel 7, betreffende het bestuurlijk toezicht

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder deel 2, titel 1, hoofdstuk 1, afdeling 3, over de bevoegdheden van de gemeenteraad

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder deel 2, titel 1, hoofdstuk 2, afdeling 3, over de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen

●        Vlaamse Codex Wonen van 2021, Boek 2, deel 3, titel 3, hoofdstuk 2, artikels 2.27 t.e.m. 2.34 definiëren het bindend sociaal objectief voor gemeenten als het sociaal woonaanbod dat in de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2042 ten minste moet worden gerealiseerd.

●        besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, boek 2, titel 2, artikel 2.5/1 legt de gemeentelijke objectieven vast in bijlage 34 van dit besluit, en het groeipad in bijlage 35.

●        besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, boek 2, titel 2, artikel 2.2 geeft de gemeente de regierol voor het lokaal woonbeleid.

●        Vlaamse Codex Wonen van 2021, Boek 2, deel 2, titel 2, artikel 2.6 bepaalt dat de gemeente de gezamenlijke oppervlakte van de onbebouwde bouwgronden en kavels die in eigendom zijn van Vlaamse besturen dient te berekenen. Hetzelfde artikel legt de deadline voor deze berekening vast op 31 oktober 2026.

●        Vlaamse Codex Wonen van 2021, Boek 5, deel 10, artikel 5.107, 1° geeft aan welke gronden hierbij niet dienen niet meegeteld omdat deze voldoen aan een of meer van de bijzondere karakteristieken.

●        Vlaamse Codex Wonen van 2021, Boek 2, deel 2, titel 2, artikel 2.6 legt ook vast dat de gemeente vanuit haar regierol een actieprogramma dient vast te stellen met geconcerteerde acties van Vlaamse besturen, opdat deze gezamenlijke oppervlakte aangewend wordt om het bindend sociaal objectief te behalen.

●        Vlaamse Codex Wonen van 2021, Boek 2, deel 2, titel 2, artikel 2.6 stelt verder dat een gemeente, die kennelijk onvoldoende inspanningen levert om het bindend sociaal objectief te bereiken volgens het vooropgestelde groeipad, ertoe gehouden is om ten minste 25 procent van deze gezamenlijke oppervlakte aan te wenden voor de verwezenlijking van sociale huurwoningen.

 

Feiten en context

De Vlaamse regering legde de gemeente een nieuw bindend sociaal objectief (BSO) op voor de periode 2026-2042. Voor Heusden-Zolder werd dit vastgelegd op 274 sociale wooneenheden; dit is inclusief de specifieke inhaalbeweging van 41 wooneenheden.

Om de regierol voor het lokaal woonbeleid ten volle te kunnen opnemen, dient de gemeente de gezamenlijke oppervlakte te berekenen van de onbebouwde bouwgronden en kavels die in eigendom zijn van Vlaamse besturen, uiterlijk 31/10/2026. De resultaten van die berekening gelden tot en met 31/12/2042. In uitbreiding daarvan dient de een actieprogramma vast te stellen met geconcerteerde acties van Vlaamse besturen, opdat deze gezamenlijke oppervlakte aangewend wordt om het bindend sociaal objectief te behalen.

Op basis van het actuele register onbebouwde percelen werd een lijst gemaakt van onbebouwde percelen in woongebied in eigendom van Vlaamse besturen, langs uitgeruste weg. Percelen die omwille van omvang, vorm of ligging niet bebouwbaar zijn, werden uitgesloten. Ook percelen ingericht als collectieve voorziening, of dienstig voor de uitoefening van de taak van de eigenaar, werden uitgesloten. Van deze percelen werd de gezamenlijke oppervlakte berekend.

Deze lijst werd verder onderzocht of het mogelijk en wenselijk is om deze percelen in te zetten voor sociaal wonen. De visie sociaal wonen is daarbij een houvast bij het maken van deze keuze.

Het resultaat van dit onderzoek is een actieprogramma met acties voor de geselecteerde percelen die ingezet worden voor het realiseren van bijkomend sociaal huuraanbod.

 

Argumentatie

Het opmaken van het actieprogramma geeft uitvoering aan de regierol voor lokaal woonbeleid van de gemeente.

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

 

Artikel 1:

De gezamenlijke oppervlakte van de onbebouwde bouwgronden en kavels die in eigendom zijn van Vlaamse besturen in de gemeente Heusden-Zolder wordt vastgelegd op

65.843,11 m², zoals berekend.

Artikel 2.

De gemeenteraad keurt het actieprogramma goed.

Artikel 3.

De gemeente bezorgt deze goedkeuring, het resultaat van de berekening én het actieprogramma aan het agentschap uiterlijk 30/11/2026.

 

Bijlagen

bijlage: actieprogramma sociaal wonen

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

OZ.7.

Burger - reglement op de begraafplaatsen - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 40 en 41;

●         De nieuwe gemeentewet, in het bijzonder artikelen 119, 119bis, 133 en 135 §2;

●         Vlaams decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging, zoals gewijzigd;

●         Besluit van de Vlaamse Regering van 14 mei 2004 tot organisatie, inrichting en beheer van begraafplaatsen en crematoria, zoals gewijzigd;

●         Besluit van de Vlaamse Regering van 24 februari 2006 tot vaststelling van de wijzen van lijkbezorging, de asbestemming en de rituelen van de levensbeschouwing voor uitvaart opgenomen in laatste wilsbeschikking, zoals gewijzigd;

●         Omzendbrief KBBJ/ABB2024/1 van 20 september 2024 over de toepassing van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging en de uitvoeringsbesluiten.

 

Feiten en context

Het huidige politiereglement dateert van 29 maart 2012. Om te voldoen aan de recente regelgeving is het noodzakelijk om het politiereglement te vernieuwen.

 

Argumentatie

Het is aangewezen om, gelet op de wijzigingen in de Vlaamse regelgeving, de lokale reglementering inzake begraafplaatsen hierop af te stemmen.

 

Daarnaast worden een aantal nieuwe mogelijkheden opgenomen, waaronder het bijzetten van de as van een huisdier in een concessiegraf. Ook andere bepalingen worden geactualiseerd en gebundeld in één coherent en duidelijk politie- en huishoudelijk reglement, met aandacht voor de openbare orde, rust, waardigheid en sereniteit op de begraafplaatsen.

 

Voor een aantal bestaande situaties worden overgangsmaatregelen voorzien.

 

Voor concessies die vóór de inwerkingtreding van het nieuwe reglement zijn verstreken, wordt aan de nabestaanden nog tot en met 31 december 2028 de mogelijkheid geboden om een hernieuwing aan te vragen. Dit geldt eveneens voor de in het verleden als eeuwigdurend omschreven concessies die inmiddels zijn verstreken, waarbij de hernieuwing kosteloos kan worden aangevraagd.

 

Ook voor personen die in het verleden werden begraven op een naar het zuidoosten gericht perceel en voor wie op grond van het toen geldende reglement geen concessie kon worden verkregen, wordt een overgangsregeling voorzien. De nabestaanden krijgen tot en met 31 december 2028 de mogelijkheid om alsnog een concessie aan te vragen.

 

Op de naar het zuidoosten gerichte percelen wordt doorgaans begraven zonder doodskist en in een lijkwade. Een latere bijbegraving in hetzelfde graf houdt hierdoor een groter risico in op verstoring van de reeds aanwezige stoffelijke resten en bemoeilijkt een veilige en respectvolle uitvoering van de bijbegraving.

 

Om praktische en veiligheidsredenen wordt een concessie op deze percelen daarom beperkt tot één persoon per graf zowel voor bestaande als toekomstige concessies. Ook het begraven van twee stoffelijke overschotten naast elkaar binnen één concessiegraf is technisch niet mogelijk aangezien de specifieke apparatuur die voor deze begravingen wordt gebruikt dit niet toelaat.

 

Deze beperking is gebaseerd op de specifieke wijze van begraven op deze percelen en op objectieve praktische, technische en veiligheidsredenen en doet geen afbreuk aan de mogelijkheid om een concessie aan te vragen.

 

BESLUIT

Amendement Jan Jans: Hoofdstuk 9 , art. 28 Laatste zin van de opsomming : - Fietsen over de begraafplaats, vervangen  door : - 2 wielers : fietsen, e-bike's, speedpedelecs, fatbikes, e-steps, en gewone steps.
 

  • 27 stemmen voor: Mario Borremans, Isabelle Thielemans, Mario Carremans, Britt Custers, Petra Tielens, Annette Palmers, Steven Goris, Lode Schops, Jan Jans, Tony Lespoix, Swa Vanderaerden, Tonny Vanhamel, Peter Gybels, Katrien Cox, Tim Lekens, Elise Vanhoudt, Chantale Labie, Hans Roose, Bea Baranska, Claudia Rugiero, Yves Kenens, Claudia Ruts, Lauren Leyssens, Elif Can, An Vanvuchelen, Hans Zegers en Luc Landuyt
  • 3 onthoudingen: Funda Oru, Arif Birinci en Yeliz Cengiz

 

eenparig aangenomen.
 

 

Artikel 1:

De gemeenteraad beslist om alle voorgaande politiereglementen betreffende dit onderwerp op te heffen.

Artikel 2:

De gemeenteraad keurt het nieuwe politie- en huishoudelijk reglement op de begraafplaatsen, zoals toegevoegd bij dit punt, goed.

Artikel 3:

De gemeenteraad keurt volgende overgangsmaatregel goed: De concessies die verlopen zijn voor het in voege treden van dit reglement kunnen vernieuwd worden tegen ten laatste 31 december 2028. Na deze datum kan geen hernieuwing meer worden aangevraagd.

Artikel 4:

De gemeenteraad keurt volgende overgangsmaatregel goed: De concessies die in het verleden eeuwigdurend werden genoemd en intussen verlopen zijn kunnen gratis vernieuwd worden tot 31 december 2028. Na deze datum kan geen hernieuwing meer worden aangevraagd.

Artikel 5:

De gemeenteraad keurt volgende overgangsmaatregel goed: De nabestaanden van personen die vóór de inwerkingtreding van dit reglement werden begraven in een naar het zuidoosten gericht perceel en voor wie op grond van de toen geldende reglementering geen concessie kon worden verkregen, kunnen tot en met 31 december 2028 alsnog een concessie aanvragen.

Op deze concessies zijn de bepalingen van het nieuwe politie- en huishoudelijk reglement op de begraafplaatsen van toepassing.

Artikel 6:

Het college van burgemeester en schepenen staat in voor het verdere beheer van de begraafplaatsen en kan daartoe bijkomende beslissingen en richtlijnen vaststellen voor de goede organisatie ervan, voor zover deze niet strijdig zijn met dit reglement of de hogere regelgeving.

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Punt bijlagen/links Politiereglement_op_de_begraafplaatsen_GR_24_september_2026.pdf Download
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

OZ.8.

Financiën - retributie begravingen - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         Artikel 41, 162 en 173 van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994 en latere wijzigingen

●         Artikel 40 en 41 van het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen

●         nieuwe gemeentewet, in het bijzonder artikelen 119, 119bis, 133 en 135 §2

●         Decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging en latere wijzigingen

●         Besluit van 14 mei 2004 van de Vlaamse Regering tot organisatie, inrichting en beheer van de begraafplaatsen en crematoria en latere wijzigingen

●         Besluit van de Vlaamse regering van 24 februari 2006 tot vaststelling van de wijzen van lijkbezorging, de asbestemming en de rituelen van de levensbeschouwing voor uitvaart opgenomen in laatste wilsbeschikking, zoals gewijzigd

●         Omzendbrief KBBJ/ABB2024/1 van 20 september 2024 over de toepassing van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging en de uitvoeringsbesluiten

●         Gemeentelijk politie- en huishoudelijk reglement op de begraafplaatsen, vastgesteld door de gemeenteraad op 24 september 2026 en latere wijzigingen

●         Besluit van de gemeenteraad van 27 mei 2010 "Retributie op de begravingen, begraafplaatsconcessies en ontgravingen - aanpassing van artikel 10 van het reglement van 30 april 2009 met ingang van 1 januari 2010"

 

Feiten en context

Het voorstel is om een aantal wijzigingen in het reglement op te nemen:

●         Opheffing vorig retributiereglement en vaststelling nieuw retributiereglement, beide vanaf 1 oktober 2026

●         Aanpassing tarieven niet-inwoners van de gemeente

 

Argumentatie

De tarieven voor niet-inwoners van de gemeente worden verhoogd voor alle soorten begravingen.

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

 

Artikel 1:

Het retributiereglement op de begraving, op begraafplaatsen en op ontgravingen, vastgesteld door de gemeenteraad op 27 mei 2010, wordt met ingang van 1 oktober 2026 opgeheven.

Artikel 2:

Met ingang van 1 oktober 2026 wordt een retributie gevestigd op de begravingen, begraafplaatsconcessies en ontgravingen.

 

TITEL 1. - Begraving

Artikel 3:

Er wordt een gemeentelijke retributie van € 2000,00 gevestigd op alle soorten van begraving zoals opgenomen in het van toepassing zijnde politie- en huishoudelijk reglement op de begraafplaatsen voor niet-inwoners van de gemeente.

 

TITEL 2. - Begraafplaatsconcessies

Artikel 4:

De retributie voor begraafplaatsconcessies, die worden verleend voor de duur van 25 jaar, wordt als volgt vastgesteld :

  1. In geconcedeerde grond, geconcedeerde nis in het columbarium of geconcedeerd urnengraf voor inwoners van de gemeente :

○         € 500,00 voor een begraving in volle grond van maximaal twee kisten en één asurne of twee asurnen en één kist voor zover dit technisch mogelijk is;

○         € 500,00 voor een begraving in een grafkelder van maximaal twee kisten en één asurne of twee asurnen en één kist voor zover dit technisch mogelijk is. En dit zo lang er grafkelders beschikbaar zijn;

○         € 500,00 voor een begraving in volle grond voor 1 persoon in een naar het zuidoosten gericht perceel (owv praktische en veiligheidsredenen geen twee personen per graf mogelijk); 

○         € 500,00 voor een begraving van maximaal drie asurnen in een columbariumnis;

○         € 500,00 voor een begraving van maximaal drie asurnen in een urnengraf.

  1. Voor begraving in geconcedeerde grond, geconcedeerde nis in het columbarium of geconcedeerd urnengraf voor niet-inwoners van de gemeente worden de tarieven onder artikel 4 punt 1 verhoogd met € 2000,00.
  2. Voor hernieuwing van de begraafplaatsconcessie voor de oorspronkelijke einddatum wordt de volgende formule toegepast :

 

Aantal jaren van de nieuwe concessietermijn

 

 

- resterende jaren van de huidige concessie

 X

tarief van een volledige

Nieuwe concessietermijn

 

nieuwe concessie

 

De duur van elke hernieuwing bedraagt eveneens 25 jaar.

Concessiehernieuwingen worden toegestaan voor een periode zoals vastgesteld in het op het ogenblik van de aanvraag van kracht zijnde politiereglement.

Artikel 5:

De retributie is verschuldigd door de aanvrager/ aanvragers van de begraafplaatsconcessie of de hernieuwing van de begraafplaatsconcessie.

 

TITEL 3. - Individuele ontgravingen en ruimingen

Artikel 6:

Onder individuele ontgravingen wordt verstaan : de ontgraving van stoffelijke resten uit een gewoon graf, uit een begraafplaatsconcessie in volle grond of een grafkelder, uit een urnengraf of de verwijdering van een urne uit een columbariumnis en dit met het oog op een andere bestemming van de stoffelijke resten, of van de urne en/ of de as.

Artikel 7:

De retributie voor de individuele ontgravingen wordt vastgesteld als volgt :

●         € 1.250,00 voor het ontgraven van stoffelijke resten uit een graf;

●         € 625,00 voor het ontgraven van een asurn uit een graf;

●         € 625,00 voor het verwijderen van een asurn uit het columbarium.

Wanneer men er voor kiest om te herbegraven dan worden deze kosten verhoogd met de retributie voor de nieuwe concessie.

Artikel 8:

De retributie is verschuldigd door diegene die de machtiging tot ontgraving vraagt.

Artikel 9:

Geven geen aanleiding tot de toepassing van de retributie op de ontgravingen

●         deze verricht in uitvoering van rechterlijke beslissingen;

●         deze ambtshalve door de gemeente verricht.

 

TITEL 4. - Algemeen

Artikel 10:

Inwoners van de gemeente zijn deze welke op de dag van hun overlijden in het bevolkingsregister of het vreemdelingenregister of wachtregister van de gemeente zijn ingeschreven.

Voor wat de toepassing van het vorige lid betreft, worden personen die krachtens hun statuut vrijstelling van inschrijving genieten in de gemeentelijke bevolkingsregisters, gelijkgesteld met personen ingeschreven in die registers.

Worden eveneens gelijkgesteld met inwoners van de gemeente: iedereen die ooit in de gemeente Heusden-Zolder ingeschreven is geweest, maar ondertussen verhuisd is naar een andere gemeente.

Artikel 11:

De retributie wordt contant betaald tegen afgifte van een kwijting of in voorkomend geval binnen de termijn vermeld op het factuur. Bij gebrek aan betaling wordt de retributie ingevorderd volgens de modaliteiten bepaald in artikel 177 van decreet over het lokaal bestuur. Indien de retributie wordt betwist zal deze burgerrechtelijk worden ingevorderd.

Artikel 12:

Van dit retributiereglement wordt melding gemaakt bij de toezichthoudende overheid overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur.

Het retributiereglement wordt overeenkomstig artikel 286, 287 en 288 van het decreet over het lokaal bestuur afgekondigd en bekendgemaakt.

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten Ga naar de bekendmaking

OZ.9.

Financiën - retributiereglement parkeren - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         Artikel 41, 162, Art. 170 §4 en 173 van de van de gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994 

●         Artikel 2, 40, §3 en 41, tweede lid, 14° van het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 

●         2017 en latere wijzigingen 

●         koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende het algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en latere wijzigingen 

●         ministerieel besluit van 7 mei 1999 betreffende de parkeerkaart voor mensen met een handicap en latere wijzigingen 

●         wet van 7 februari 2003 houdende verschillende bepalingen inzake verkeersveiligheid en latere wijzigingen 

●         wet van 20 juli 2005 houdende wijziging van de gecoördineerde wetten van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer en latere wijzigingen 

●         decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens en latere wijzigingen 

●         het ministerieel besluit van 9 januari 2007 betreffende de gemeentelijke parkeerkaart, en latere wijzigingen 

●         koninklijk besluit van 3 juni 2024 betreffende de Code van de openbare weg 

●         besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2024 tot vaststelling van het Vlaams verkeersreglement 

●         besluit van de gemeenteraad van 29 augustus 2024 “retributiereglement parkeren” 

●         besluit van de gemeenteraad van 18 december 2025 “retributie voor aanmaningskosten” 

 

Feiten en context

Het voorstel is om een aantal wijzigingen in het reglement op te nemen, met het oog op het nieuwe bestek voor de aanstelling van een externe firma voor het parkeerbeheer in Heusden-Zolder, waaronder: 

●         de opheffing vanaf 1 januari 2027 van het huidige retributiereglement voor parkeren; 

●         de vaststelling van een nieuw retributiereglement parkeren vanaf 1 januari 2027; 

●         het actualiseren van de tarieven; 

●         de aanpassing van het eind-uur; 

●         het aantal bewonerskaarten per adres; 

●         de documenten nodig voor het aanvragen van een parkeerkaart. 

 

Argumentatie

Met dit reglement wordt het parkeerbeleid geactualiseerd en verder afgestemd op de nieuwe parkeerexploitatie en het gemeentelijk mobiliteitsbeleid. De voorgestelde wijzigingen beogen een efficiënt gebruik van de beschikbare parkeerplaatsen in de handels- en voorzieningskernen, en een vermindering van de parkeerdruk in dichtbebouwde woonwijken. Zo blijft de openbare ruimte optimaal beschikbaar voor bewoners, bezoekers en lokale handels- en dienstverleningsfuncties. Tegelijkertijd draagt het reglement bij aan een duidelijke, transparante en uniforme toepassing van de parkeerregels.  

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

 

Artikel 1:

Het besluit van de gemeenteraad van 29 augustus 2024 houdende vaststelling van een retributie op het parkeren, wordt met ingang vanaf 1 januari 2027 opgeheven. 

Artikel 2:

De gemeenteraad keurt het reglement over de vaststelling van de retributie voor het parkeren en de gemeentelijke parkeerkaarten met ingang van 1 januari 2027 goed. 

Artikel 3:

Van dit retributiereglement wordt melding gemaakt bij de toezichthoudende overheid overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur. Het retributiereglement wordt overeenkomstig de artikelen 285, 286, 287 en 288 van het decreet over het lokaal bestuur afgekondigd en bekendgemaakt. 

Artikel 4:

Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van dit reglement. 

Artikel 5:

Voor de toepassing van dit reglement verwerkt de gemeente of haar aangestelde parkeerexploitant persoonsgegevens overeenkomstig de Algemene Verordening Gegevensbescherming en de toepasselijke wetgeving inzake gegevensbescherming. 

Artikel 6:

Ten voordele van de gemeente Heusden-Zolder wordt overeenkomstig de bepalingen van dit reglement een retributie geheven op: 

●         het gebruik van parkeerplaatsen met betalend parkeren; 

●         het gebruik van parkeerplaatsen met beperkte parkeertijd waar het gebruik van de Europese parkeerschijf verplicht is (hierna ook “beperkte parkeertijd” genoemd); 

●         de afgifte van gemeentelijke parkeerkaarten; 

●         andere aan het parkeren verbonden diensten. 

Artikel 7:

De retributie voor het gebruik van parkeerplaatsen met betalend parkeren of beperkte parkeertijd geldt per geparkeerd motorvoertuig met meer dan twee wielen (hierna ook “voertuig” genoemd). 

Artikel 8:

De retributie is verschuldigd door de titularis van de inschrijving van het voertuig in het repertorium van de motorvoertuigen (hierna ook “retributieplichtige” genoemd). De houder van de proefritten- of handelaarsplaat die op het voertuig is aangebracht, is solidair gehouden tot betaling van de retributie.

Artikel 9:

De betaling van de retributie verleent uitsluitend een parkeerrecht en geeft geen recht op een voorbehouden of vrije parkeerplaats. Het parkeren gebeurt op eigen risico. 

Artikel 10:

Behoudens andersluidende signalisatie is er geen retributie verschuldigd: 

●         op zondagen, wettelijke feestdagen en 11 juli; 

●         voor 9.00 uur en na 18.00 uur 

Artikel 11:

Zijn geen retributie verschuldigd: 

●         houders van een geldige parkeerkaart voor personen met een handicap; 

●         houders van een geldige innamevergunning, voor de in de vergunning opgenomen parkeerplaatsen en voor zolang de innamevergunning geldig is; 

●         dienstvoertuigen van de gemeente Heusden-Zolder en het OCMW; 

●         dienstvoertuigen van nutsmaatschappijen en de Vlaamse overheid tijdens de uitvoering van hun opdrachten; 

●         deelwagens van de professionele aanbieders, op de parkeerplaatsen voorbehouden voor deelwagens of autodelen. 

Artikel 12:

Het college van burgemeester en schepenen bepaalt de praktische modaliteiten voor het verkrijgen, registreren, controleren en betalen van parkeerrechten en gemeentelijke parkeerkaarten: 

●         Parkeerrechten en parkeerkaarten kunnen fysiek of digitaal worden toegekend. 

●         De controle kan gebeuren aan de hand van nummerplaatherkenning of via elke andere door de gemeente toegepaste controlemethode. 

Artikel 13:

Het college van burgemeester en schepenen kan bij een gemotiveerde beslissing: 

●         aanvullende tarieven bepalen; 

●         een tijdelijke vrijstelling verlenen aan een retributieplichtige. 

Artikel 14:

Er wordt geen volledige of gedeeltelijke terugbetaling van de betaalde retributies gedaan, ook niet indien de parkeersessie korter is dan de door het parkeerrecht bepaalde termijn.

Artikel 15:

De retributieplichtige kiest automatisch voor een forfaitaire retributie van € 20,00 die recht geeft op een parkeertijd tot het einde van diezelfde dag: 

●         indien niet voor één van de in dit reglement opgenomen tarieven gekozen wordt; 

●         indien de door het parkeerrecht bepaalde parkeerduur overschreden wordt; 

●         indien de bepalingen van dit reglement en van de federale en Vlaamse verkeersreglementen voor het gebruik van een parkeerschijf of een gemeentelijke parkeerkaart niet worden nageleefd. 

Artikel 16:

De retributieplichtige kan geen bezwaar indienen wanneer hij/zij, niettegenstaande het vereffenen van de retributie, toch niet mag parkeren, omwille van een reden al dan niet vreemd aan de wil van het bestuur, of ingeval van verplichte verwijdering van het voertuig bij politiebevel. 

Artikel 17:

Bij gebrek aan betaling wordt de retributie ingevorderd volgens de modaliteiten bepaald in artikel 177 van decreet over het lokaal bestuur. Indien de retributie wordt betwist zal deze burgerrechtelijk worden ingevorderd. 

 

HOOFDSTUK I – Parkeerplaatsen met betalend parkeren 

 

Artikel 18:

Er wordt een retributie geheven voor het gebruik van de parkeerplaatsen met betalend parkeren waar het parkeren reglementair is. 

Artikel 19:

De parkeerplaatsen en zones met betalend parkeren worden vastgesteld in het aanvullend reglement op het wegverkeer en aangeduid door de wettelijk voorgeschreven signalisatie. 

Artikel 20:

De in Artikel 18 beschreven retributie wordt als volgt vastgesteld: 

●         tarief 1: maximaal 15 minuten: gratis; 

●         tarief 2: maximaal 2 uur per dag: € 0,10 per begonnen schijf van zes minuten; 

●         tarief 3: dagticket: € 20,00. 

Artikel 21:

Voor elk gebruik van een parkeerplaats met betalend parkeren dient een parkeerrecht te worden geregistreerd overeenkomstig de door het college van burgemeester en schepenen vastgestelde modaliteiten, ook wanneer het gekozen tarief kosteloos is. Bij gebrek aan een geldige registratie is de forfaitaire retributie verschuldigd.

 

HOOFDSTUK II – Parkeerplaatsen met beperkte parkeertijd 

 

Artikel 22:

Er wordt een retributie geheven voor het gebruik van de parkeerplaatsen met beperkte parkeertijd waar het parkeren reglementair is. 

Artikel 23:

De parkeerplaatsen en zones met beperkte parkeertijd worden vastgesteld in het aanvullend reglement op het wegverkeer en aangeduid door de wettelijk voorgeschreven signalisatie. 

Artikel 24:

De in Artikel 22 beschreven retributie wordt vastgesteld volgens Artikel 15 van dit reglement. 

Artikel 25:

Het gebruik van de parkeerschijf dient overeenkomstig de geldende federale en Vlaamse verkeersreglementen te gebeuren. 

Artikel 26:

Het is slechts toegestaan om één parkeerschijf aan het voertuig aan te brengen. Indien er toch meerdere parkeerschijven zichtbaar liggen, wordt steeds uitgegaan van het vroegste ingestelde aankomstuur.  

 

HOOFDSTUK III–Algemene bepalingen bij gemeentelijke parkeerkaarten 

 

Artikel 27:

Voor de toepassing van dit reglement worden volgende gemeentelijke parkeerkaarten (hierna ook “parkeerkaarten” genoemd) onderscheiden: 

●         bewonerskaarten; 

●         handelaarskaarten; 

●         medische kaarten. 

Artikel 28:

Het gebruik van de gemeentelijke parkeerkaart dient overeenkomstig de geldende federale en Vlaamse verkeersreglementen te gebeuren. 

Artikel 29:

Een parkeerkaart kan uitsluitend worden afgeleverd op basis van het kenteken van een voertuig. Per parkeerkaart kan maximaal één nummerplaat worden geregistreerd. 

Artikel 30:

Een parkeerkaart is geldig voor een periode van één jaar en dient jaarlijks te worden aangevraagd. 

Artikel 31:

De geldigheidsduur van de parkeerkaart kan nooit langer zijn dan de geldigheidsduur van de voertuiginschrijving.

Artikel 32:

De houder van een parkeerkaart moet iedere wijziging van nummerplaat, adres, tewerkstelling of andere relevante gegevens binnen de acht kalenderdagen melden aan de bevoegde dienst. 

Artikel 33:

Het afleveren van duplicaten: 

●         Bij verlies, diefstal of beschadiging van een parkeerkaart kan een duplicaat worden afgeleverd. 

●         De retributie voor een duplicaat bedraagt € 15,00. 

●         Voor een verloren of gestolen parkeerkaart moet een attest van verlies of diefstal van de lokale politie worden voorgelegd. 

●         Een beschadigde parkeerkaart moet voorafgaand aan de aflevering van een duplicaat worden terugbezorgd. 

Artikel 34:

De parkeerkaart wordt van rechtswege geannuleerd: 

●         bij het verstrijken van de geldigheid; 

●         bij schrapping van de betrokken nummerplaat; 

●         bij overlijden van de houder; 

●         wanneer niet langer aan de voorwaarden wordt voldaan; 

●         bij niet-betaling van verschuldigde bedragen.

 

HOOFDSTUK IV – Bewonerskaarten 

 

Artikel 35:

De houders van een geldige bewonerskaart worden vrijgesteld van de retributie voor het gebruik van parkeerplaatsen met beperkte parkeertijd, uitsluitend in de zone waarvoor de kaart werd afgeleverd. 

Artikel 36:

Bewonerskaarten worden afgeleverd per adres en aan de personen behorend tot eenzelfde huishouden zoals gedefinieerd in de algemene onderrichtingen betreffende het houden van het bevolkingsregister, wiens hoofdverblijfplaats zich situeert binnen of grenst aan één van de zones met beperkte parkeertijd vermeld in Artikel 23. 

Artikel 37:

Voor de toepassing van dit reglement worden twee bewonerskaarten onderscheiden: 

●         bewonerskaart 1; 

●         bewonerskaart 2. 

Artikel 38:

Iedere hoofdverblijfplaats heeft recht op één bewonerskaart. 

Een tweede bewonerskaart kan worden afgeleverd indien: 

●         deze wordt toegekend aan een andere houder van een geldig rijbewijs die zijn hoofdverblijfplaats heeft op hetzelfde adres; en 

●         de beschikbare private parkeercapaciteit bij de hoofdverblijfplaats ontoereikend is voor de voertuigen waarvoor een bewonerskaart wordt aangevraagd. 

Bij de beoordeling van de private parkeercapaciteit wordt rekening gehouden met garages, carports, autostaanplaatsen, opritten en andere duurzame parkeervoorzieningen op privaat domein. 

 

Artikel 39:

De aanvrager van een bewonerskaart moet volgende kunnen aantonen: 

●         domicilie op het adres van de aanvraag; 

●         inschrijvingsbewijs van het voertuig waaruit het eigenaarschap van één van de bewoners blijkt; 

●         rijbewijs van de aanvrager; 

●         indien het een leasewagen betreft, een attest dat de aanvrager gebruik maakt van het ingeschreven voertuig waarvoor een bewonerskaart wordt aangevraagd; 

●         een verklaring op eer over de beschikbare private parkeercapaciteit. 

Artikel 40:

De retributie voor een bewonerskaart wordt als volgt vastgesteld: 

●         bewonerskaart 1: € 50,00 per jaar 

●         bewonerskaart 2: € 100,00 per jaar 

 

HOOFDSTUK V – Handelaarskaarten

 

Artikel 41:

De houders van een geldige handelaarskaart worden vrijgesteld van de retributie voor het gebruik van parkeerplaatsen met beperkte parkeertijd, uitsluitend in de zone waarvoor de kaart werd afgeleverd. 

Artikel 42:

Een handelaarskaart kan worden afgeleverd aan een handelszaak die gevestigd is binnen één van de zones met beperkte parkeertijd vermeld in Artikel 23. 

Artikel 43:

 Per handelszaak wordt maximaal één handelaarskaart afgeleverd. De aanvraag dient te gebeuren in naam van de zaakvoerder. 

Artikel 44:

De aanvrager van een handelaarskaart moet volgende kunnen aantonen: 

●         ingevuld werkattest van maximaal één week oud op de datum van de aanvraag; 

●         inschrijvingsbewijs van het voertuig waaruit het eigenaarschap van de aanvrager blijkt; 

●         indien het een leasewagen betreft, een attest dat de aanvrager gebruik maakt van het ingeschreven voertuig waarvoor een handelaarskaart wordt aangevraagd. 

Artikel 45:

De retributie voor een handelaarskaart bedraagt € 95,00 per jaar. 

 

HOOFDSTUK VI - Medische kaarten

 

Artikel 46:

De houders van een geldige medische kaart worden vrijgesteld van de retributie voor het gebruik van parkeerplaatsen met betalend parkeren, uitsluitend gedurende het eerste uur van een begonnen parkeersessie. 

Artikel 47:

De begintijd wordt aangeduid via een geldige Europese parkeerschijf die conform de geldende federale en Vlaamse verkeersreglementen gebruikt wordt. 

Artikel 48:

 Een medische kaart kan worden afgeleverd aan beoefenaars van (para)medische beroepen, die door het RIZIV of de Vlaamse gemeenschap erkend zijn als zorgverstrekker. 

Artikel 49:

Per zorgverstrekker wordt maximaal één medische kaart afgeleverd. De aanvraag dient te gebeuren op naam van de zorgverstrekker. 

Artikel 50:

De aanvrager van een medische kaart moet volgende kunnen aantonen: 

●         bewijs van erkenning als beoefenaar van een (para)medisch beroep, gedateerd en ondertekend door het RIZIV of door de Vlaamse gemeenschap; 

●         inschrijvingsbewijs van het voertuig waaruit het eigenaarschap van de aanvrager blijkt; 

●         indien het een leasewagen betreft, een attest dat de aanvrager gebruik maakt van het ingeschreven voertuig waarvoor een medische kaart wordt aangevraagd; 

●         een verklaring op eer dat de medische kaart uitsluitend gebruikt zal worden voor beroepsmatige huisbezoeken. 

Artikel 51:

De retributie voor een medische kaart bedraagt € 95,00 per jaar. 

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.10.

Financiën - goedkeuring politiebegroting 2026 PZ RWL

 

 

Overeenkomstig artikel 72, §2 van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, heeft de gouverneur bij besluit van 24 juni 2026 politiebegroting voor het dienstjaar 2026 van de Politiezone Regio West-Limburg goedgekeurd. De gemeenteraad neemt hiervan kennis.

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.11.

Welzijn - projectensteun ontwikkelingssamenwerking 2026 - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40 en 41

●         wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning een aanwending van sommige toelagen

●         goedkeuring van de statuten en de beginselverklaring van de gemeentelijk raad voor ontwikkelingssamenwerking (GROS) door de gemeenteraad van 23 oktober 1997

●         goedkeuring van de criteria voor projectensteun en de 20-80% verdeelsleutel voor besteding van de projectgelden, door de gemeenteraad van 28 mei 1998

●         goedkeuring van de nieuwe formule voor de berekening van de 0,7%, te besteden aan ontwikkelingssamenwerking, door het schepencollege van 20 oktober 2004

●         goedkeuring van geactualiseerde criteria door de gemeenteraad van 29 augustus 2019

 

Feiten en context

Zoals omschreven in de statuten van de GROS, is één van haar doelstellingen projecten ondersteunen. In de beginselverklaring van de GROS worden verder de verschillende vormen van projectensteun toegelicht.

Om de projectensteun te kunnen realiseren keurde het schepencollege op 10 september 1997 de progressieve besteding van 0,7% van de gewone werkingsuitgaven aan projectondersteuning in ontwikkelingslanden goed.

 

Gezien de permanente onduidelijkheid m.b.t. de berekening van de 0,7% van de gemeentebegroting keurde het schepencollege op 20 oktober 2004 de nieuwe formule voor het berekenen van de 0,7% goed. Het bedrag wordt voortaan berekend op basis van de werkingskosten, dit wil zeggen op basis van de gemeenterekening zonder opname van de personeelskosten of uitgaven.

 

Voor het verkrijgen van financiële projectensteun werden, verder bouwend op de beginselverklaring, criteria uitgewerkt. Samen met deze criteria keurde de gemeenteraad op haar vergadering van 28 mei 1998 de 20-80% verdeelsleutel goed voor de besteding van de gelden voor financiële projectensteun. Dit betekent dat er 20% van de gelden voor projectondersteuning wordt besteed aan “educatieve steun” (in de gemeente) en dat er 80% wordt besteed aan “financiële steun” (in het ontwikkelingsland). Deze criteria werden geactualiseerd en goedgekeurd door de gemeenteraad van 29 augustus 2019.

Dit jaar werden er 8 aanvragen ingediend en goedgekeurd door de projectgroep o.b.v. deze

geactualiseerde criteria.

 

Adviezen

Voor de financiële projectensteun adviseert de GROS de gemeenteraad om een steun toe te

kennen aan de geselecteerde projecten. Dit advies werd geformuleerd op de vergadering van de GROS van 1 juni 2026 en met consensus goedgekeurd.

 

Argumentatie

Gezien het gunstig advies van de GROS wordt voorgesteld om tot goedkeuring over te gaan van de geselecteerde projecten:

  1. Sociaal-economische versterking, empowerment en bescherming van mensenrechten van boerenorganisaties in Kwilu - Commission Diocèsaine Justice et Paix (CDJP) Congo, Vervolgproject op vorig jaar ingediende aanvraag.
  2. Mali Juice Muleba, Mali Muleba vzw-Tanzania
    Vervolgproject op vorig jaar ingediende aanvraag.
  3. Opvang van straatkinderen Kankala - Vrienden van Kankala vzw-Congo
    Vervolgtraject op vorig jaar ingediende aanvraag.
  4. Beroepsopleidingen voor jongeren- Action Jeunesse Environement (AJE)-Senega
    Vervolgproject op vorig jaar ingediende aanvraag.
  5. Scholen als motor voor gezonde voeding-Goma en Bukavu-DR Congo Contactorganisatie Rikolto.
  6. Herstellingswerken aan het tehuis voor meisjes in Cimanggis- Jakarta Indonesië- vzw Fajar Baru.
  7. Bouwproject Centraal Re-integratiehuis Enfants Sans Frontières (ESF)-Kalemie-DR Congo-vzw Mijn Congo
  8. Uitbouw van boomgaard Mamara (Home for abused and abandoned children)-Indian Kids Orphanage-vzw IKO -India

 

Financiële gevolgen

Uitgaven:

Registratiesleutel: 0160-01/64920310

Geraamde uitgave: € 28.152

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

 

Artikel 1:

De gemeenteraad keurt de financiële projectensteun 2026, na advies van de GROS, goed voor de volgende projecten:

 

Sociaal-economische versterking, empowerment en bescherming van mensenrechten van boerenorganisaties in Kwilu - Congo

aanvrager: Broederlijk Delen - BE44 7865 7288 8145

steun 2026: 4.423 euro

 

Opvang van straatkinderen Kankala - Congo

aanvrager: Vrienden van Kankala vzw -  BE67 7370 4514 8287

steun 2026: 4.000 euro

 

Beroepsopleidingen voor jongeren- Action Jeunesse Environment (AJE)- Senegal

aanvrager: Wereldsolidariteit vzw - BE09 7995 5004 4057

steun 2026: 4.423 euro

 

Scholen als motor voor gezonde voeding in Goma en Bukavu- DR Congo

aanvrager : Rikolto België vzw - BE21 4314 7020 1103

steun 2026: 3.000 euro

 

Mali Juice Muleba - Tanzania

aanvrager: Mali Muleba vzw - BE18 0016 5913 3365

steun 2026: 4.423 euro

 

Herstellingswerken aan het tehuis voor meisjes in Cianggis-Jakarta/Indonesië

aanvrager: Fajar Baru vzw -BE54 7370 3631 2597

steun 2026: 2.010 euro

 

Bouwproject Centraal Re-integratiehuis Enfants Sans Frontières (ESF)-

aanvrager: vzw Mijn Congo-BE56 0689 0876 0388

steun 2026: 4.423 euro

 

Uitbouw van boomgaard Mamara (Home for abused and abandoned children)-India

aanvrager: vzw IKO -Indian Kids Orphanage-BE10 7310 0729 7304

steun 2026: 1.450 euro

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.12.

Beleid en Strategie - verkoop grond cabine Populierenstraat

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         Het Oud Burgerlijk Wetboek, art. 1582 tot 1701.

●         Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, art. 40, 41 en 293.

●         Omzendbrief KB/ABB 2019/3 van 3 mei 2019 over de transacties van onroerende goederen door lokale en provinciale besturen en door besturen van de erkende erediensten, van mevrouw Liesbeth Homans, Vlaams minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding.

●         Het besluit van de gemeenteraad van 27 maart 2025 waarmee het dagelijks bestuur omschreven werd.

 

Feiten en context

Door de overstap van fossiele brandstoffen naar elektriciteit, treden steeds vaker

spanningsklachten op ten gevolge van de exponentiële groei van het aantal zonnepanelen,

warmtepompen en- laadpalen voor elektrische voertuigen. Om dit te verhelpen, dienen er in heel

Vlaanderen duizenden elektriciteitscabines bijgeplaatst te worden.

De opdrachthoudende vereniging Fluvius Limburg, Trichterheideweg 8 in 3500 Hasselt, plant de bouw van een nieuwe cabine op een perceel gemeente-eigendom langs de Populierenstraat, groot 00a 30ca, kadastraal gekend Heusden-Zolder, 3de afdeling, sectie A, deel perceelnummer 3m25, dat bijgevolg aangekocht dient te worden.

Tijdens zijn vergadering van 6 mei 2026 ging het college reeds principieel akkoord met de

inplanting van deze cabine.

In zijn schattingsverslag van 15 april 2026 raamde het landmeterskantoor PLAN2 bv de

verkoopwaarde op € 24,00 per m2, of in totaal € 650,00.

 

Adviezen

principieel gunstig advies van het schepencollege van 27 mei 2026.

 

Argumentatie

Door de verkoop van deze gronden kan door Fluvius Limburg overgegaan worden tot de bouw van elektriciteitscabines.

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

 

Artikel 1:

De verkoop van volgende grond aan de opdrachthoudende vereniging Fluvius Limburg, Trichterheideweg 8 in 3500 Hasselt, wordt definitief goedgekeurd:

een perceel gemeente-eigendom in de Populierenstraat, groot 00a 30ca, deel perceelnummer 3m25, mits de prijs van € 650,00.

Artikel 2:

Alle kosten, rechten en erelonen, die voortvloeien uit deze verkoop, met inbegrip van de leveringskosten, vallen ten laste van de koper.

Artikel 3:

Gezien de bestemming, wordt deze verkoop voor openbaar nut verklaard.

Artikel 4:

De financieel directeur wordt gemachtigd om bij de verkoop van gronden, toebehorend aan de gemeente Heusden-Zolder, de A.A.P.D. ervan te ontslaan ambtshalve inschrijving te nemen.

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.13.

Beleid en Strategie - rapportering meerjarenplan 2026-2031

 

 

Met het oog op een adequate beleidscyclus moet de raad beleidsdoelstellingen formuleren en actieplannen en acties vooropstellen om de doelstellingen te realiseren. Jaarlijks wordt gerapporteerd aan de beide raden over de stand van zaken van de uitvoering van het meerjarenplan voor het einde van het derde kwartaal.

 

De raad neemt kennis van de rapportering inzake het meerjarendoelstellingenplan.

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.14.

Secretariaat en juridische zaken - Audio - aanstelling vertegenwoordiger - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40 en 41 waarin de bevoegdheden van de gemeenteraad omschreven zijn

●         decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 34 en 35 over de stemmingen in de gemeenteraad

●         besluit van de gemeenteraad van 29 augustus 2024, tot toetreding van de gemeente tot de welzijnsvereniging Audio (vereniging van publiek recht onderworpen aan deel 3, titel 4, hoofdstuk 2, van het decreet over het lokaal bestuur)

●         statuten van de vereniging Audio, artikel 10 waarin wordt voorzien dat elke deelgenoot één vertegenwoordiger heeft in de Algemene Vergadering

 

Feiten en context

Het OCMW en de gemeente zijn elk deelgenoot van Audio, een welzijnsvereniging volgens de bepalingen van het decreet lokaal bestuur.

Audio is een welzijnsvereniging met als missie bij te dragen tot een doelgerichte, efficiënte en risicobewuste organisatie van haar deelgenoten. De focus van de vereniging ligt op het uitvoeren van interne audits die de verschillende processen (ondersteunend, kernproces of managementproces) beogen die een lokaal bestuur beheert. De vereniging verstrekt, in hetzelfde domein, eveneens advies en voert ook specifieke controles uit. Audio verleent ondersteuning op vraag van een deelgenoot in domeinen die aansluiten bij de competenties van Audio. Audio is een professionele interne adviseur die enkel voor lokale besturen en eraan verbonden entiteiten werkt en volledig in mede-eigendom is van deze besturen.

 

Victor Peeraer heeft per brief van 10 juli 2026 zijn ontslag als gemeenteraadslid meegedeeld aan de voorzitter van de gemeenteraad. De gemeenteraad heeft in de zitting van 27 augustus 2026 kennis genomen van het ontslag.

 

Argumentatie

Door het ontslag van Victor Peeraer als raadslid dient er in zijn vervanging in de algemene vergadering van Audio voorzien te worden.

 

De gemeenteraad dient de vertegenwoordiger in de algemene vergadering van Audio aan te duiden.

 

De gemeenteraad gaat over tot de geheime stemming over de aanduiding van een gemeentelijke afgevaardigde uit zijn leden, waarbij voorgesteld wordt:

afgevaardigde in de algemene vergadering: de heer Luc Landuyt.

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

Audio - AV - vertegenwoordiger - Luc Landuyt
 

De geheime stemming geeft volgende uitslag:

  • aantal deelnemers aan de stemming: 30
  • aantal blanco stemmen: 0
  • aantal onthoudingen: 0
  • aantal ongeldige stemmen: 0
  • aantal geldige stemmen: 30

 

Besluit met 30 stemmen voor, 0 stemmen tegen en 0 onthoudingen

 

 

Artikel 1:

Na geheime stemming wordt als vertegenwoordiger van de gemeente voor de algemene vergadering van Audio aangesteld:

de heer Luc Landuyt

contactgegevens: secretariaat@heusden-zolder.be

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.15.

Secretariaat en juridische zaken - S-Lim - aanstelling vertegenwoordiger - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, meer bepaald:

○         artikel 40 en 41 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad

○         artikel 444, lid1: het voorzitterschap van de verschillende organen wordt altijd toevertrouwd aan en effectief uitgeoefend door een op voordracht van de deelnemende gemeenten benoemd lid van het orgaan, dat ook gemeenteraadslid, districtsraadslid, schepen, districtsschepen, burgemeester of districtsburgemeester is in een aangesloten gemeente.

○         artikel 445, lid 2: alle mandatarissen zijn van rechtswege ontslagnemend bij verlies van hun openbaar mandaat, uitgezonderd in geval van algehele vernieuwing van de gemeenteraden. In dat geval wordt binnen de eerste drie maanden van het jaar dat volgt op dat van de verkiezingen, een algemene vergadering bijeengeroepen waarbij tot een algehele vervanging van de raad van bestuur wordt overgegaan, op voorwaarde dat de raden van de deelnemende besturen die de voordracht moeten doen, al in hun nieuwe samenstelling vergaderd hebben. Als dat niet het geval is, worden de betrokken nieuwe bestuurders benoemd door de algemene vergadering vermeld in artikel 454, die ook kwijting verleent aan de bestuurders die het voorgaande boekjaar in functie waren en die tot dan de verantwoordelijkheid blijven dragen overeenkomstig artikel 438.

 

Feiten en context

De gemeente is aangesloten bij S-Lim, dienstverlenende vereniging, Herckenrodesingel 14 te 3500 Hasselt.

 

Victor Peeraer heeft per brief van 10 juli 2026 zijn ontslag als gemeenteraadslid meegedeeld aan de voorzitter van de gemeenteraad. De gemeenteraad heeft in de zitting van 27 augustus 2026 kennis genomen van het ontslag.

 

Argumentatie

Door het ontslag van Victor Peeraer als raadslid dient er in zijn vervanging in de algemene vergadering van S-Lim voorzien te worden.

 

De gemeenteraad dient de plaatsvervanger-afgevaardigde in de algemene vergadering van S-Lim aan te duiden.

 

De gemeenteraad gaat over tot de geheime stemming over de aanduiding van een plaatsvervanger-afgevaardigde uit zijn leden, waarbij voorgesteld wordt:

plaatsvervanger-afgevaardigde in de algemene vergadering: de heer Luc Landuyt.

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

S-Lim - A.V. - plaatsvervangend vertegenwoordiger - Luc Landuyt
 

De geheime stemming geeft volgende uitslag:

  • aantal deelnemers aan de stemming: 30
  • aantal blanco stemmen: 0
  • aantal onthoudingen: 0
  • aantal ongeldige stemmen: 0
  • aantal geldige stemmen: 30

 

Besluit met 30 stemmen voor, 0 stemmen tegen en 0 onthoudingen

 

 

Artikel 1:

Na geheime stemming wordt als vertegenwoordiger van de gemeente voor de algemene vergadering van S-Lim, dienstverlenende vereniging, aangesteld:

plaatsvervangend vertegenwoordiger:

de heer Luc Landuyt

Contactgegevens: secretariaat@heusden-zolder.be

Artikel 2:

Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van onderhavige beslissing en zal onverwijld een afschrift bezorgen van deze beslissing aan S-Lim.

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.16.

Secretariaat en juridische zaken - Nuhma - aanstelling vertegenwoordiger - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, meer bepaald:

○         artikel 41 lid 2,4° betreffende het oprichten van en het toetreden tot rechtspersonen en het beslissen tot oprichting van, deelname aan of vertegenwoordiging in agentschappen, instellingen, verenigingen en ondernemingen

 

Feiten en context

De gemeente is aangesloten bij Nuhma CV, Herkenrodesingel 14, 3500 Hasselt.

 

Victor Peeraer heeft per brief van 10 juli 2026 zijn ontslag als gemeenteraadslid meegedeeld aan de voorzitter van de gemeenteraad. De gemeenteraad heeft in de zitting van 27 augustus 2026 kennis genomen van het ontslag.

 

Argumentatie

Door het ontslag van Victor Peeraer als raadslid dient er in zijn vervanging in de algemene vergadering van Nuhma voorzien te worden.

 

De gemeenteraad dient de gemeentelijke afgevaardigde in de algemene vergadering van Nuhma aan te duiden.

 

De gemeenteraad gaat over tot de geheime stemming over de aanduiding van een afgevaardigde uit zijn leden, waarbij voorgesteld wordt:

afgevaardigde in de algemene vergadering: de heer Luc Landuyt.

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

Nuhma CV - A.v. - vertegenwoordiger - Luc Landuyt
 

De geheime stemming geeft volgende uitslag:

  • aantal deelnemers aan de stemming: 29
  • aantal blanco stemmen: 0
  • aantal onthoudingen: 0
  • aantal ongeldige stemmen: 1
  • aantal geldige stemmen: 29

 

Besluit met 29 stemmen voor, 0 stemmen tegen en 0 onthoudingen

 

 

Artikel 1:

Na geheime stemming wordt als vertegenwoordiger van de gemeente voor de algemene vergadering van Nuhma CV aangesteld:

De heer Luc Landuyt

Contactgegevens: secretariaat@heusden-zolder.be

Artikel 2:

Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de uitvoering van onderhavige beslissing en zal onverwijld een afschrift bezorgen van deze beslissing aan Nuhma CV, Herkenrodesingel 14, 3500 Hasselt.

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.17.

Secretariaat en juridische zaken - Centrum Duurzaam Groen-aanstelling vertegenwoordig - goedkeuring

 

 

MOTIVERING

Juridische gronden

●         het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, meer bepaald:

○      artikel 40 en 41 betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad

 

Feiten en context

CVO De Verdieping maakt sinds juni 2025 deel uit van de PXL-Alliantie, samen met andere opleidingsverstrekkers, o.a. Syntra-PXL.

Eén van de doelstellingen van de Alliantie is samen nieuwe opleidingsmogelijkheden te onderzoeken en vorm te geven. Daarbij kwam de samenwerking rond groenopleidingen recent als een opportuniteit naar boven voor Syntra-PXL en CVO De Verdieping in het kader van de gewijzigde organisatie van het Centrum duurzaam groen, dat voorheen instond voor (groen)opleiding voor professionals en maatwerk voor laagopgeleide medewerkers.

Syntra-PXL en CVO De Verdieping stemmen dit aanbod ook nu al af in andere contexten.

Om deze samenwerking te formaliseren en snelheid te kunnen maken rond de opleidingsinitiatieven, werd voorgesteld beide opleidingspartners op te nemen in de raad van bestuur en de algemene vergadering van het Centrum duurzaam groen. In dat kader werd een concrete vraag gesteld aan de directie van de school en de stafmedewerker doelgroepenwerking, die ook deel uitmaken van de coördinatiegroep van voornoemde PXL-Alliantie.

Het arbeidsreglement van CVO De Verdieping biedt hiervoor de mogelijkheid: “Elk personeelslid dient een actieve medewerking te verlenen wanneer het door het centrumbestuur, de overheid, de directie of de onderwijskoepel wordt gevraagd om te participeren in werkgroepen, beheerraden, leerplancommissies, … voor zover deze betrekking hebben op de schoolwerking.”

 

Argumentatie

In dat kader vragen we de formele toelating aan de gemeenteraad om een directielid, de heer Jurgen Mijten, van het centrum de vergaderingen van de algemene vergadering te laten bijwonen, en voornoemde stafmedewerker, de heer Joris Quintens, voor één schooljaar te laten deelnemen aan het overleg van de raad van bestuur. Het gaat in beide gevallen om onbezoldigde mandaten, binnen de vastgelegde functie/taakbeschrijving van betrokken personeelsleden en i.k.v. de schoolwerking meerbepaald het maatwerkaanbod en de groenopleidingen binnen onze onderwijsbevoegdheid.

 

BESLUIT

eenparig aangenomen.
 

vertegenwoordiger - Luc Landuyt
 

De geheime stemming geeft volgende uitslag:

  • aantal deelnemers aan de stemming: 30
  • aantal blanco stemmen: 0
  • aantal onthoudingen: 0
  • aantal ongeldige stemmen: 0
  • aantal geldige stemmen: 30

 

Besluit met 30 stemmen voor, 0 stemmen tegen en 0 onthoudingen

 

 

Artikel 1:

Na geheime stemming wordt als vertegenwoordiger van Centrum duurzaam groen aangesteld:

de heer Luc Landuyt.

Contactgegevens: secretariaat@heusden-zolder.be

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Overzicht punten

OZ.18.

Secretariaat en juridische zaken - varia

 

Conform het huishoudelijk reglement hebben de raadsleden het recht om aan het einde van de openbare zitting, na afhandeling van de agenda, vragen te stellen over aangelegenheden van het lokaal bestuur.

 

Volgende raadsleden stellen een vraag:

●        raadslid Tony Lespoix - kerkhof Berkenbos, infoborden
tussenkomst door voorzitter Mario Borremans

●        raadslid Funda Oru - Remo
tussenkomst door voorzitter Mario Borremans

 

 

Publicatiedatum: 03/11/2026
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.